De Nobelprijs voor Fysiologie of Geneeskunde 2026 is toegekend aan drie wetenschappers die een belangrijke stap hebben gezet in ons begrip van de hersenen. Zij ontvingen deze prijs voor hun ontdekking van lichtgevoelige ionkanalen en de ontwikkeling van optogenetica, een methode waarbij individuele zenuwcellen met behulp van licht worden bestuurd. De drie laureaten zijn Karl Deisseroth (Howard Hughes Medical Institute en Stanford University, VS), Peter Hegemann (Humboldt-Universiteit Berlijn) en Georg Nagel (Universiteit Würzburg, Duitsland). Hun onderzoek, gepubliceerd in 2005 in het tijdschrift *Nature Neuroscience*, heeft geleid tot een revolutie in de neurowetenschap. Volgens Svenningsson, voorzitter van het Nobelcommittee, maakt optogenetica het mogelijk om de hersenen in kaart te brengen op een manier die eerder onmogelijk was: *“[Optogenetica kan ons helpen] de hersenen in kaart te brengen op een manier die we eerder alleen in onze dromen konden voorstellen.”* Optogenetica stelt wetenschappers in staat om precies te bestuderen hoe zenuwcellen in het brein met elkaar communiceren. Deze techniek biedkt nieuwe kansen voor behandelingen van onder meer oogaandoeningen, hersenletsel (zoals een beroerte), depressie en verslaving. In het geval van depressie en verslaving kan optogenetica helpen om te begrijpen hoe specifieke hersencellen gedrag, geheugen en emoties beïnvloeden. De ontdekking begon in 2000, toen Peter Hegemann en Georg Nagel een eiwit genaamd *channelrhodopsin* ontdekten in een eencellige alg. Karl Deisseroth wist dit eiwit om te vormen tot een lichtschakelaar voor zenuwcellen van ratten. Wanneer deze cellen worden belicht met blauw licht, opent zich een kanaal waardoor geladen deeltjes de cel binnenstromen, wat een elektrisch signaal opwekt. Sindsdien zijn er al klinische onderzoeken gestart om de mogelijkheden van optogenetica te benutten. Een voorbeeld is onderzoek naar het herstellen van het zicht bij mensen met oogafwijkingen. Bedrijf *Nanoscope Therapeutics* werkt aan een optogenetische therapie genaamd *Mogenry (sonpiretigene isteparvovec)*, dat gericht is op netvliesziekten. Dit middel is al onderzocht in een Fase II-studie bij patiënten met de zeldzame erfelijke aandoening *Stargardt* (jeugdige maculadegeneratie), met veelbelovende resultaten. De verwachting is dat in 2027 de eerste resultaten bekend worden van de *STARGAZE Fase III-studie*.